Lori van de Blauwe bergen.
(Trichoglossus h. molucanus).
Duits: Gebirgs Allfarblori.
Engels: Swainson's Lory.
Frans: Loriquet desmont bleu.
Herkomst: Oost-Australie,
Tasmanie en Kangoeroe eiland.
Totale lengte: 30 cm.
Ringmaat: 6,5 of 7 mm.
Gewicht: plm. 130/150 gram.
Broedduur: 22/25 dagen.
Jongen uit nest na 60 dagen
Uiterlijk: Rug en vleugels donkergroen, Kop en buik donkerblauw, de kop enigszins licht gestreept. De flanken overgaand in oranje, borst variërend van geel naar fel rood, onderstaartdekveren geel/oranje, nekband lichtgroen en snavel rood.

De lori van de blauwe bergen is welhaast de meest bekende en meest gehouden en gekweekte lorisoort is. Het zijn schitterend gekleurd en levendige vogels, die zeer sterk zijn en die in onze winters goed in de buitenvolière gehouden kunnen worden mits ze kunnen beschikken over een vorstvrij nachtverblijf, voorzien van een dikwandig slaap/broedblok van 20 × 20 × 40 cm. Aangezien ook deze lories het hele jaar geneigd zijn om te gaan broeden moeten we er wel op letten als dit s'winters gebeurd dat we het broedblok overbrengen naar een matig verwarmd binnenverblijf, al was het alleen maar om moeilijkheden als legnood te voorkomen. Het zijn zeer gemakkelijk te kweken vogels die regelmatig meerdere broedsels per jaar zonder problemen grootbrengen, ze zijn op een leeftijd van één tot anderhalf jaar broedrijp. De lori van de blauwe bergen eten naast het normale lorivoer ook vrij veel zaden, wat soms tot gevolg heeft dat sommige liefhebbers ertoe overgaan deze vogels volledig op zaad te houden en het is zelfs gebleken dat de vogels op dit menu zelfs een enkele keer tot broeden overgaan. Ik blijf echter deze manier van voeren van lorie's sterk afraden, want sterk of niet sterk, lorie's blijven zachtvoereters en de vogels zullen beslist in een betere conditie blijven, langer blijven leven en betere kweekresultaten geven als we ze op zachtvoer houden en alleen wat zaden als bijvoer verstrekken. Soms kan men bij deze lorie's wel enig geslachtsonderscheid waarnemen aangezien bij volwassen vogels de kleur van de borst bij de mannen wat intensiever gekleurd is dan bij de poppen, echter als U op zeker wilt spelen dan is het beslist noodzakelijk de vogels te laten seksen. Aangezien ook deze lori meestal twee eieren per broedsel legt komt het toch wel eens voor dat ze 3 of zelfs 4 eieren leggen en de jongen dan ook goed grootbrengen. De broedtijd bedraagt 24 dagen en de jongen vliegen na plm. 8 weken uit en lijken dan sprekend op de ouders, alleen zijn de kleuren vooral het rood van de borst en de blauwe kop nog niet zo diep van kleur als bij de ouders, tevens hebben ze nog een zwart/bruine snavel welke na plm. Vijf maanden rood kleurt. De jongen worden na het uitvliegen nog geruime tijd door de ouders gevoerd, soms wel zo lang tot er al weer nieuwe jongen in het nest liggen. We kunnen dan beter de oudere jongen van de ouders scheiden anders loopt U de kans dat de nestjongen niet voldoende te eten krijgen en te langzaam groeien en zelfs wel kunnen verhongeren. Van de lori van de blauwe bergen zijn van alle lori soorten de meeste mutaties bekend (zie mutaties 1 en 2).
Bovenstaande foto's zijn door  Gunter en v.d. Lustgraaf in Australiè in de vrije natuur gemaakt.
© Sheila Smart.
Een jonge blauwe bergen met
een afwijkende buikkleur.
© Iggino van Bael.
© F.Beswerda
© F. Beswerda.
© Iggino van Bael.
Terug naar soorten.