Muskuslori.

De Muskus lori, Glossopsitta concinna



Beschrijving
lengte 22cm (8.5 inches)
gewicht gemiddeld 60 gram
Bij volwassen vogels zien de mannetjes en vrouwtjes er hetzelfde uit. De Muskus lori onderscheidt zich van andere Australische lori’s o.a. door de duidelijk herkenbare zwarte bovensnavel. De punt van de snavel heeft een koraal kleur. De vogel is hoofdzakelijk groen van kleur en heeft oranje ogen. Het blauw op de kop van het mannetje is over het algemeen iets helderder dan dat van het vrouwtje. Het voorhoofd is rood evenals de oorbedekking en de nek. De mantel is brons-bruin met groen. Op zij van de borst zijn gele vlekken zichtbaar evenals op de bedekkingen van de onder vleugel.
De Muskus lori is de grootste van de Glossopsitta familie. De enige manier om er 100% zeker van te zijn van welk geslacht de vogel is om deze te laten sexen.

Classificatie
(Glossopitta concinna)
Glossopitta = tong en parkiet
concinna = slank en elegant
Andere namen: Musky lorikeet, Groene keet, Groene leek.
De laatste twee namen zijn bij de Muskus lori hetzelfde als bij de Schubben lori.

Verspreidings gebied
Het verspreidings gebied van de Muskus lori strekt zich uit over de oostelijke en zuidelijke staten van Australie. Zijnde Queensland, New South Wales, Victoria, South Australia en het oostelijk deel van Tasmanie.
Ze trekken veel van het ene gebied naar het andere maar hun bewegingen zijn meer seizoen gebonden dan andere lori’s.Ze komen in verschillende levensmilieus voor, van gebieden met veel struiken aan de kust tot open bossen in het droge binnenland, maar komen weinig voor in bergachtige streken. Muskus lori’s zijn duidelijk te horen wanneer ze zich voeden in de in bloei staande fruitbomen. Ze kwetteren constant terwijl ze op zoek zijn naar voedsel. Door de overwegend groene kleur is het moeilijk om ze in de groene bomen te ontdekken, totdat ze zich bewegen. Bomen waarin men ze kan vinden zijn Callistemon, Grevilleas en Eucalyptus. Voor de fruitkwekers zijn ze een pest geworden omdat ze zich in de boomgaarden te goed doen aan hun fruitkrop. Muskus lories zijn vaak in gezelschap van andere lori soorten te zien. Rondom Melbourne hebben zich geisoleerde groepen gevestigd. Wij zelf hebben kleine vluchten in de gombomen bij onze volieres gezien.

Broeden in het wild
Muskus lori’s broeden in het wild meestal van augustus tot in januari. Nesten treft men meestal aan in een uitholling in een boom hoog boven de grond. Het nest wordt verzorgd door zowel het mannetje als het vrouwtje en is ongeveer 500mm diep. Op de bodem ligt stuk geknaagd verrot hout. Het mannetje strekt zijn nek uit tijdens het parings ritueel waarbij hij zijn kop over het vrouwtje houdt. Het mannetje beweegt zijn kop naar beide zijden van de kop van het vrouwtje, waarbij de pupillen zich verwijden. Soms gaat dit gepaard met een zacht fluitend geluid. Nadat de paring heeft plaats gevonden zit het paar stil op de stok waarbij ze elkaar mooi maken.

In de voliere
Wij houden onze Muskus lori’s in volieres die vrij staan van de grond. Hiermee hebben wij veel succes. Wij houden al onze lories in een omsloten ruimte waarbinnen de volieres zijn geplaatst. De volieres zijn ongeveer 900mm hoog, 600mm breed en 1200mm diep. Ze zijn gemaakt van 25x12x1.3mm gaas. De volieres zijn uit een stuk gemaakt en aan een eind met clips aan elkaar gebonden.
De kop en eind kant zijn voorzien van een 24mm brede omgevouwen rand en met clips aan het gaas van de zijwanden vastgemaakt. De volieres zijn aan de voorzijde verbonden aan een spoor terwijl de achterzijde op een rails staat, 900mm van de grond. De volieres staan 30mm uit elkaar zodat de vogels niet onderling kunnen vechten. Bovendien kunnen wij op deze manier volieres verwijderen indien dit noodzakelijk is. De vloer waarop de volieres staan is beton en dit is bijzonder makkelijk voor het dagelijks onderhoud, daar al het overtollig voedsel en uitwerpselen door het gaas op de vloer vallen. Met de slang kan dit dan vlug weggespoten worden. Al mijn volieres hebben draaideuren in het voorfront. Iedere draaideur bevat twee roestvrij stalen voerbakjes. Een kleine voor de nectar en een grote voor het droogvoer. In de benedenhoek van het voorfront van iedere vlucht hebben wij een klein frame van gaas geplaatst waaruit aan de bovenkant een stukje is uitgeknipt. Uit het voorfront van de vlucht is een sleuf uitgeknipt waarin een klein deurtje is aangebracht. Hierdoor kan een kleine platte kom in het frame worden geplaatst voor fruit en cake. Door dit frame wordt voorkomen dat de kom door de hele voliere getrokken wordt. Ik gebruik roestvrij stalen waterkommen om hygienische redenen en maakkelijk schoonmaken.

De kweek
Ik heb gemerkt dat lori’s erg goed broeden in L vormige nestkastjes. De afmetingen zijn ongeveer 500mm hoog, 300mm diep en 170mm breed. Ze zijn geplaatst tegen het gaas aan de achterzijde van de vlucht. Het onderste gedeelte van de L vormige nestkast steekt door het gaas naar buiten waardoor de jongen makkelijk te controleren zijn. Wij gebruiken houtwol van hardhout als nestmateriaal. De Muskus lori’s leggen twee witte eitjes met een tussenpoze van twee tot drie dagen. Het vrouwtje bebroedt de eitjes en het mannetje slaapt meestal in de nestkast bij het broedende vrouwtje.
Het duurt tussen de 22 en 25 dagen voordat de eitjes uitkomen. Wanneer de jongen uitkomen zijn ze voorzien van een vrij lang zilverachtig wit dons. Het eerste grijze dons is te zien na 10 tot 12 dagen. De ogen gaan open nadat ze ongeveer 14 dagen oud zijn. De ontwikkeling van de eerste veertjes begint zo rond een dag of twintig. Ik ring mijn jongen wanneer ze 13 dagen oud zijn. De daarop volgende dagen houd ik ze dan nauwlettend in de gaten om er zeker van te zijn dat de ring niet van het pootje af valt of over de elleboog schuift. De jonge Muskus lori’s vliegen uit wanneer ze 48 dagen oud zijn. Op het moment van uitvliegen lijken de jongen erg veel op de ouders alleen de kleuren zijn doffer. De jongen worden daarna nog ongeveer twee weken door de ouders gevoerd. Zodra de jongen zelf gaan eten breng ik ze over naar een aparte vlucht. Ik heb gemerkt dat Muskus lori’s twee weken na het verwijderen van de jongen opnieuw met het leggen van eitjes beginnen. Het beste resultaat dat ik behaald heb is drie ronden achter elkaar. Alle jongen werden zonder problemen groot gebracht.


Lories hebben dagelijks schoon water nodig. Ze nemen graag een bad om de overtollige nectar van hun lichaam te verwijderen. Het is werkelijk een genot om deze lori’s te zien spelen. Het is een erg actieve vogel en ze zwaaien graag aan takken die opgehangen zijn aan het dak van de voliere. Wij hebben ook plastic kattebelletjes in de voliere gelegd waar ze dolgraag mee spelen. Ik ben er sterk van overtuigd dat indien de vogels iets hebben om mee te spelen het probleem van verenplukken voorkomen wordt. Van de Muskus lori komt voor zover mij bekent een kleuren mutatie voor, de olijf of grijs-groen. Iedereen die overweegt om lories te kopen zou ik zeer zeker willen aanbevelen om Muskus lories in zijn of haar collectie op te nemen.

Voeding
Wij voeren al onze Muskus lori’s een droog en nat voer in D-vormige bakjes. Bovendien geef ik ze een goede sortering vers fruit en groentes zoals mais, appel, andijvie, gekookte worteltjes en doperwtjes. Wij voeren ze ook Madeira cake dat we iets vochtig maken. Ook hebben ze de beschikking over sepia en we voegen wat calcium aan hun droogvoer toe om er zeker van te zijn dat ze voldoende calcium binnen krijgen tijdens het broedseizoen.

Door Phillip Smith, Australiƫ.
Met toestemming overgenomen uit Lori Journaal.

Terug