Het kweken van lori’s.

Het kweken van lori’s is beslist niet moeilijk als we ons aan bepaalde regels houden. Sommige liefhebbers durven hun jonge vogels niet te ringen omdat ze bang zijn dat de ouders de jongen dan in de steek zullen laten of misschien wel doden. Zelf heb ik het nog nooit meegemaakt dat de oudervogels hun eieren of jongen in de steek lieten, noch bij de nestcontrole, noch bij het ringen van de jonge vogels. Ik ring altijd al mijn jonge vogels met een vaste voetring en dit gebeurt altijd zonder problemen, op een paar flinke beten van sommige lori’s na, want het is fantastisch zoals deze vogels hun jongen verdedigen. Handtamme lori’s die normaal uit je hand Enkele voorwaarden waaraan we moeten voldoen om succes te hebben met het kweken van lori’s zijn: een geschikte huisvesting, de juiste voeding, geschikte nestkasten en natuurlijk moeten de vogels gezond en in goede conditie zijn. Als we aan deze voorwaarden voldoen dan is het voor de meeste vogelliefhebbers niet moeilijk om jonge lori’s op stok te krijgen. Lori’s moeten het hele jaar de beschikking hebben over een dikwandig broedblok waar ze normaal altijd de nachten in doorbrengen en uiteraard gaan broeden. Het steeds beschikbaar zijn van een broedblok is ook belangrijk aangezien van veel lori’s niet de juiste broedtijd bekend is en sommige soorten zelfs het hele jaar tot broeden overgaan. Tevens is het belangrijk lori’s te huisvesten in volières die verwarmd kunnen worden voor al voor die soorten die in de wintermaanden tot broeden overgaan. Aangezien de pop tijdens het broeden dagelijks vrij lang van het nest gaat om de eieren te luchten en om zelf een bad te nemen, moeten we voorkomen dat de eieren te veel afkoelen. Het beste kunt U de nestkasten zo ophangen dat U ze vanaf de buitenkant van de volière kunt controleren. Zelf heb ik schuifjes in de nestkasten gemaakt die ik van de
buitenkant van de volière met een touwtje open kan trekken om de nestkasten te inspecteren. Dit doe ik bij al mijn vogels bijna iedere dag, het voordeel hiervan is dat de vogels hieraan gewend zijn als ze eieren of jongen hebben. Op deze wijze zult U ook geen problemen hebben met nestcontroles en kunt U alles goed in de gaten houden zonder dat de vogels onrustig worden.

Ik heb de afgelopen 30 jaar vele nesten jonge lori’s gekweekt maar ik heb nog nooit meegemaakt dat eten en op je schouder zitten, kunnen veranderen in ware duiveltjes als wie dan ook in de buurt van hun eieren of jongen komt, en ze vallen dan ook onmiddellijk aan, zowel met hun sterke klauwen als met hun snavels ( hier dus het belang van de schuifjes in de nestblokken). Het is misschien wel bekend dat lori’s de gewoonte hebben zich met hun klauwen te verdedigen, U zult dan ook zien dat als U een vogel wilt vangen ze meestal gelijk op de rug gaan liggen en zich met hun sterke klauwen, (waar enorme kracht in schuilt) proberen te verdedigen, teven gebruiken ze dan ook nog hun scherpe snavel waarmee ze ook behoorlijk kunnen bijten. Bijvoorbeeld mijn rode lori’s, die volledig handtam waren, grepen als ze jongen hadden, onmiddellijk met beide poten mijn hand en probeerden mij uit alle macht te bijten als ik te dicht bij hun jongen kwam. Als de jongen later zelfstandig waren en bij de ouders weg waren de ouders gelijk weer lief en aanhankelijk. Wat het ringen van de jongen betreft hoeft U beslist niet bang te zijn voor problemen, althans ik heb nog nooit last gehad dat lori’s hun jongen na het ringen in de steek lieten of dood maakten. Tevens heb ik nog nooit de ringen geprepareerd door ze zwart te maken of iets dergelijks. Mijn bescheiden mening is zelfs dat dit bij geen enkele papegaaiachtige vogel noodzakelijk is. Het zijn toch immers allemaal holenbroeders, waardoor ze eventuele lichte ringen in de donkere nestkast niet kunnen zien. Ik ben eerder van mening dat vogels die na het ringen hun jongen doden of in de steek laten, dit doen door een bepaalde lucht, b.v. als onze handen iets zweterig zijn. Daarom is het aan te bevelen om Uw handen goed met schoon water, zonder zeep, te wassen voordat de jonge vogels in de hand genomen worden, zodat zo weinig mogelijk voor de vogels vreemde luchtjes bij de jongen achterblijven. Zelf geef ik mijn lori’s ten tijde dat ze jongen hebben geen speciaal opfokvoer maar hetzelfde wat ze normaal ook krijgen.

Als U ze een goed voer geeft en dat blijkt wel, anders zouden ze waarschijnlijk niet tot broeden overgaan, dan zullen ze hiermee ook hun jongen wel goed groot brengen. De bodem van de nestkasten moet voorzien zijn van een flinke laag houtspaanders, (beslist geen fijn zaagsel, omdat dit door de dunne kleverige voeding in en om de snavel van de jongen blijft kleven, waardoor ze kunnen stikken. Deze bodembedekking moet als er jongen zijn regelmatig ververst worden omdat het anders een kliederzooi wordt. Zelf heb ik onder de nestkasten een laatje gemaakt van 12 cm. hoog, deze kan in een handomdraai verwisseld worden voor een schoon exemplaar. Tijdens het broeden gaat de pop regelmatig een bad nemen en gaat dan weer kletsnat op de eieren zitten dus voor uitdrogen van de eieren hoeft U niet gauw bang te zijn, al kunt U het natuurlijk toch wel even in de gaten houden. Vaak gaat de pop wel enige keren van het nest om de eieren te luchten en dit kan soms wel een kwartier tot een haf uur duren dit is heel normaal bij lori’s en ik heb hier nooit geen problemen van ondervonden. Echter om deze reden is het wel belangrijk om de vogels in de winter in verwarmde volières te houden om te voorkomen dat de eieren door dit lange luchten toch teveel afkoelen met alle gevolgen van dien. Al met al ben ik van mening dat als U bovenstaande regels enigszins in acht neemt, U zult merken dat het kweken met lori’s weinig moeilijkheden geeft en dat ze eigenlijk niet veel meer werk geven dan andere vogels. Ik wens U veel succes en mocht U eens problemen tegenkomen denk dan ook bij deze prachtige vogels maar “de aanhouder wint.

Fokke Beswerda.