Het geslacht Eos.

Het geslacht Eos.

Het geslacht Eos bestaat uit zes soorten met in totaal acht ondersoorten. Het zijn overwegend
helderrode vogels in grootte variërend van 25 tot 30 cm.
Ze zijn meestal slank van bouw, maar met naar verhouding een vrij korte, afgeronde staart en een oranjerode snavel. De kleur van de snavel kan soms wel eens een indicatie zijn van de gezondheid van de vogels, want vogels die b.v. een leverziekte hebben, hebben vaak een lichtgele snavel. Alle soorten hebben wel enige zwarte en blauwe veervelden in de bevedering. Lories van het geslacht Eos zijn over het algemeen vrij sterke vogels, die over het algemeen s’winters wel onverwarmd gehouden kunnen worden al is het toch wel aan te raden bij strenge kou het nachthok enigszins te verwarmen . De meeste soorten worden vrij regelmatig aangeboden, behalve de diadeem lori (Eos h. histrio) en de Ceram of halfmasker lori (Eos semilarvata), vooral de laatste wordt zelden aangeboden. Er bestaat over het algemeen veel belangstelling voor de vogels van dit ras, misschien ook wel doordat er met de meeste soorten vrij regelmatig gekweekt wordt.  De vogels van het geslacht Eos zijn over het algemeen op een leeftijd van plm. 3 jaar broedrijp.Trouwens ook hun schitterende felrode kleuren spreken veel liefhebbers erg aan, evenals hun speelse gedrag in de volière en het vrij spoedig tam worden, wat bij de meeste soorten het geval is. Wat de voeding betreft stellen ze, in vergelijking met andere lorisoorten, geen extra eisen. Ik geef ze een goed samengestelde loripap en tijdens het grootbrengen van hun jongen vooral wat onrijpe gras en onkruidzadenwaar ze dol op zijn en tevens wat gekiemd zaad. Ze zijn ook verzot op onrijpe maïskolven en iedere dag een paar meelwormen. Ze moeten wel allemaal paarsgewijs gehouden worden, aangezien ze tegen andere vogels en vooral andere papagaaiachtigen zeer agressief zijn. Een andere slechte eigenschap waar vooral de rode lori en de diadeemlori om bekend staan is het plukken van zowel hun eigen veren als de veren van hun jongen. Zelf geef ik mijn rode lories altijd een proteïnepreparaat (Protifar plus), door het voer en ik heb zelf nog nooit geen last gehad van plukkende rode lories. Als U ze dan ook nog regelmatig wat verse wilgentakken geeft dan zult U vele jaren plezier van deze prachtige vogels hebben. De vogels van dit geslacht zijn op een leeftijd van plm. 3 jaar broedrijp en de broedtijd  in het algemeen 24 tot 25 dagen.
    
                                                                                                           Fokke Beswerda.